Het VIPA vertaalt de principes van duurzame ontwikkeling concreet naar instrumenten met betrekking op duurzaam bouwen die relevant zijn voor de toepassing ervan op de infrastructuur van welzijns- en verzorgingsvoorzieningen in Vlaanderen. Hierbij vertrekt het VIPA van de principes en de doelstellingen van de Vlaamse Regering die zijn opgenomen in de "Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling" en het "Vlaams Mitigatieplan 2013-2020".

De specifieke uitdaging voor het VIPA ligt in het garanderen van een gezond binnenklimaat in alle voorzieningen. Tegen de achtergrond van de snel evoluerende bouwtechnische eisen wil het VIPA een kader bieden waarbinnen ook voor kwetsbare bewoners en gebruikers een degelijk wooncomfort en een gezond binnenklimaat kunnen verzekerd worden.

VIPA-criteria duurzaamheid

Het ministerieel besluit VIPA-criteria duurzaamheid (BS 12 januari 2010) bepaalt de criteria die het VIPA hanteert voor de toetsing van investeringsdossiers aan de principes van duurzaamheid. De criteria zijn van toepassing op dossiers die ingediend zijn vanaf 22 januari 2010.

De VIPA-criteria duurzaamheid geven een geactualiseerde invulling aan de minimumeisen en de voorwaarden inzake comfort en gebruik van energie, water en materialen die gelden voor projecten die VIPA-investeringssubsidies willen bekomen. Deze minimumeisen en voorwaarden zijn in de VIPA-procedurebesluiten opgenomen als onderdeel van de bouwtechnische voorwaarden.

Raadpleeg het ministerieel besluit VIPA-criteria duurzaamheid met de criteria en de afvinklijsten.

Waarom nieuwe criteria?

Een actualisatie van de evaluatiecriteria ecologisch bouwen was om verschillende redenen noodzakelijk en wenselijk:

1. Afstemming met de bestaande regelgeving Energieprestatie en Binnenklimaat (EPB)

Sinds januari 2006 zijn bijna alle bouwprojecten die in aanmerking komen voor VIPA-subsidies onderworpen aan de bepalingen van het EPB-besluit. Hierin worden de eisen inzake isolatie (K-peil), ventilatievoorzieningen en energieprestatie (E-peil) opgenomen. De specifieke VIPA-eisen zijn geactualiseerd en conform aan de EPB-regelgeving. De invoering van een specifiek E-peil voor projecten binnen het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin maakt onderdeel van de nieuwe EPN-methode voor vergunningsaanvragen vanaf 2017

2. Integratie van de resultaten van de EPI-studie

Voor voorzieningen met een uitgesproken zorgprofiel is er binnen het kader van de EPB-regelgeving geen beoordeling van het E-peil beschikbaar. Met de EPI-studie onderzocht het VIPA daarom welke factoren een belangrijke rol spelen in het energieverbruik in o.a. woonzorgcentra én in welke zin deze factoren verschillend zijn van de klassieke energieverbruiksprofielen voor woningen of kantoren. Hieruit bleek dat vooral de eisen met betrekking tot de comforttemperatuur, de ventilatie-eisen, het warmwaterverbruik en het aanvaardbaar zomercomfort duidelijk anders liggen.

Op basis van de EPI-studie werden er 4 maatregelenpakketten ontwikkeld voor verschillende energieprestatieniveaus. Het maatregelenpakket dat overeenkomt met een goede energieprestatie, een E-peil 80, wordt nu via de VIPA-criteria duurzaamheid opgelegd. Hierdoor kunnen we voor alle VIPA-projecten de ambitie voor de energieprestatie gelijkstellen.

3. Afstemming met Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling

De specifieke uitdaging voor het VIPA ligt in het garanderen van het basiscomfort en een gezond binnenklimaat in alle voorzieningen. Aansluitend op de Vlaamse Strategie Duurzame Ontwikkeling zijn de VIPA-criteria duurzaamheid ondergebracht in 5 thema’s:

  1. gebruikerscomfort,
  2. energiebeheersing,
  3. duurzaam materiaal- en grondstoffengebruik,
  4. geïntegreerde benadering,
  5. gebouwbeheer.

Het pakket van de criteria is samengesteld uit een aantal verplichte criteria, waaraan altijd moeten worden voldaan, en een aantal vrije criteria waarvan de initiatiefnemer een minimum aantal moet realiseren.

  • De verplichte criteria verzekeren het basiscomfort dat gerealiseerd moet worden. Samen vormen zij een samenhangend pakket van maatregelen dat per sector een specifieke invulling aan de eisen geeft.
  • De vrije criteria zijn de vertaling van de maatregelen die algemeen aanvaard worden als een meerwaarde voor het comfort, het energieverbruik en de duurzaamheid van het project. Door het gebruik van de vrije criteria worden een aantal opties met betrekking tot duurzaamheid onder de aandacht gebracht van de initiatiefnemers en de ontwerpers. Het aantal te realiseren opties is daarom niet strikt bepaald maar vastgelegd op een minimum aantal dat haalbaar moet zijn. De belangrijkste taak ligt hier in de bewustmaking van het thema duurzaamheid en de duiding van de meerwaarde voor de projecten.

4. Administratieve vereenvoudiging

Door de VIPA-criteria duurzaamheid die betrekking hebben op energieprestatie en het binnenklimaat af te stemmen op de EPB-regelgeving kan de initiatiefnemer via het energieprestatiecertificaat (EPC) aantonen dat men aan de VIPA-doelstellingen voldoet. Dit is voor de initiatiefnemer én voor de administratie een aanzienlijke vereenvoudiging omdat de initiatiefnemer in de huidige procedure moet aantonen dat hij voldoet aan de EPB-regelgeving en daarnaast nog moet aantonen dat hij voldoet aan de bepalingen van de criteria duurzaamheid. Deze dubbele bewijslast kan in de toekomst ondervangen worden door het voorleggen van het EPC voor nieuwbouw.

Ook voor de overige VIPA-criteria duurzaamheid is een aanzienlijke administratieve vereenvoudiging doorgevoerd. Door het gebruik van de afvinklijst kan de initiatiefnemer op eenvoudige wijze aantonen dat hij aan te gestelde criteria voldoet. De criteria zijn bovendien zo geformuleerd dat de effectieve toepassing ervan in het project eenvoudig te controleren is.

5. Expliciete formulering criteria duurzaamheid volgens bestemming en volgens sector

In eerste instantie zijn de criteria geformuleerd als een algemene basis voor alle sectoren, maar met een aangepaste samenstelling van het pakket tussen verplichte en vrije criteria naargelang de sector en de specifieke bestemming van het gebouw. Deze samenstelling wordt in de bijlagen opgenomen. Eventueel kunnen op termijn voor bepaalde sectoren de doelstellingen worden geformuleerd in functie van een aangepast ambitieniveau.

Energieprestatie

  • Energieprestatie-indicatoren (EPI) 
  • Energieprestatiecertificaat (EPC)
  • EPB in welzijns- en gezondheidsvoorzieningen

Lees meer

Duurzaamheidsmeter

Instrument voor de zorgsector

Lees meer

Engagementsverklaring Klimaat

Met de sectororganisaties van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin ondertekende minister Vandeurzen op 12 januari een engagementsverklaring om samen acties te ondernemen opdat de klimaatopwarming beperkt zou blijven. Het Vlaams Energiebedrijf en VIPA zullen nu verder in overleg met de sectororganisaties werk maken van het concretiseren en het uitvoeren van alle aspecten van deze engagementsverklaring.